Ga naar inhoud
← gisteren
dagelijkse overdenking
maandag 11 mei 2026
25 Sivan 5786
morgen →
εστιν δε πιστις ελπιζομενων υποστασις πραγματων ελεγχος ου βλεπομενων
Textus Receptus (Scrivener 1894)

Het geloof nu is een vaste grond der dingen, die men hoopt, en een bewijs der zaken, die men niet ziet.

Statenvertaling
Sleutelwoord
ἐλπίζω
G1679
elpízō
expect or confide

to expect or confide

Bekijk in lexicon →
Context
1

Het geloof nu is een vaste grond der dingen, die men hoopt, en een bewijs der zaken, die men niet ziet.

εστιν δε πιστις ελπιζομενων υποστασις πραγματων ελεγχος ου βλεπομενων

2

Want door hetzelve hebben de ouden getuigenis bekomen.

3

Door het geloof verstaan wij, dat de wereld door het woord Gods is toebereid, alzo dat de dingen, die men ziet, niet geworden zijn uit dingen, die gezien worden.

Kanttekening bij de Statenvertaling
is een vaste grond)Of een vast vertrouwen; dat is, hetgeen doet bestaan, of vast en als tegenwoordig staan de dingen die van God in Christus beloofd zijn, en die derhalve door de hoop worden verwacht, hetwelk niet alleen geschiedt door een toestemming van Gods beloften in ons verstand, maar ook door een vertrouwen op deze in onzen wil; zie Rom 4:18, enz. en hiervoor Heb 3:14. Grieks hypostasis; dat is, zelfstandigheid; van welk woord, zie ook 2Co 9:4, en 2Co 11:17.
een bewijs)Of overtuiging; want het geloof ziende op Gods openbaring en belofte, overtuigt en verzekert het hart des mensen veel sterker van de waarheid der zaak, dan enig ander bewijs uit de natuurlijke rede voortgebracht.
der zaken, die men niet ziet)Dat is, zelfs die door natuurlijke zinnen of rede door ons niet worden begrepen; of, die niet tegenwoordig zijn voor onze ogen. Want hoewel de dingen, die gezien worden ook wel geloofd worden, gelijk Christus tot Thomas spreekt, Joh 20:29; nochtans is dit eigenlijk niet het Goddelijk geloof, dat is ons door den Heiligen Geest wordt gewrocht, hetwelk alleen op Gods belofte of openbaring ziet, het zij de dingen nu verleden, tegenwoordig, of toekomende zijn, gelijk uit de voorbeelden, die Paulus voortbrengt, zal blijken.
Kanttekeningen bij de Statenvertaling (1637)
Kruisverwijzingen
Studievragen
1

Welke opdracht of aansporing bevat dit vers?

2

Wat leert dit vers over Gods soevereiniteit?

3

Op welke manier daagt dit vers uw denken of gewoonten uit?

Meditatiegids

Neem de tijd. Laat het Woord tot u spreken. Stil uw hart voor God.

1
Lees

Lees het vers langzaam, drie keer. Eerst in de Statenvertaling, dan in de grondtekst. Laat de woorden tot u doordringen.

2
Observeer

Wat valt u op? Let op sleutelwoorden, herhalingen, contrasten en verbindingen met andere teksten.

3
Begrijp

Wat betekent dit vers in zijn oorspronkelijke context? Wat wilde de auteur overbrengen aan de eerste lezers?

4
Pas toe

Hoe raakt dit vers aan uw leven vandaag? Welke waarheid, belofte, opdracht of waarschuwing spreekt u aan?

5
Bid

Maak van het vers een gebed. Spreek God aan met de woorden die Hij u gegeven heeft.

Uw notities

Schrijf hier uw gedachten, gebeden en inzichten op. Uw notities worden lokaal opgeslagen in uw browser.

Vers van de dagHebreeën 11