Ga naar inhoud
← gisteren
dagelijkse overdenking
dinsdag 27 januari 2026
9 Adar 5786
morgen →
וְ/נָחֲ/ךָ֣ יְהוָה֮ תָּמִיד֒ וְ/הִשְׂבִּ֤יעַ בְּ/צַחְצָחוֹת֙ נַפְשֶׁ֔/ךָ וְ/עַצְמֹתֶ֖י/ךָ יַחֲלִ֑יץ וְ/הָיִ֨יתָ֙ כְּ/גַ֣ן רָוֶ֔ה וּ/כְ/מוֹצָ֣א מַ֔יִם אֲשֶׁ֥ר לֹא יְכַזְּב֖וּ מֵימָֽי/ו־׃
Westminster Leningrad Codex (morphhb)

En de HEERE zal u geduriglijk leiden, en Hij zal uw ziel verzadigen in grote droogten, en uw beenderen vaardig maken; en gij zult zijn als een gewaterde hof, en als een springader der wateren, welker wateren niet ontbreken.

Statenvertaling
Sleutelwoord
אֲשֶׁר
H0834
ʼăsher
who (which)

who, which, what, that; also (as an adverb and a conjunction) when, where, how, because, in order that, etc.

Bekijk in lexicon →
Context
9

Dan zult gij roepen, en de HEERE zal antwoorden; gij zult schreeuwen, en Hij zal zeggen: Ziet, hier ben Ik. Zo gij uit het midden van u wegdoet het juk, het uitsteken des vingers, en het spreken der ongerechtigheid;

10

En zo gij uw ziel opent voor den hongerige, en de bedrukte ziel verzadigt; dan zal uw licht in de duisternis opgaan, en uw donkerheid zal zijn als de middag.

11

En de HEERE zal u geduriglijk leiden, en Hij zal uw ziel verzadigen in grote droogten, en uw beenderen vaardig maken; en gij zult zijn als een gewaterde hof, en als een springader der wateren, welker wateren niet ontbreken.

וְ/נָחֲ/ךָ֣ יְהוָה֮ תָּמִיד֒ וְ/הִשְׂבִּ֤יעַ בְּ/צַחְצָחוֹת֙ נַפְשֶׁ֔/ךָ וְ/עַצְמֹתֶ֖י/ךָ יַחֲלִ֑יץ וְ/הָיִ֨יתָ֙ כְּ/גַ֣ן רָוֶ֔ה וּ/כְ/מוֹצָ֣א מַ֔יִם אֲשֶׁ֥ר לֹא יְכַזְּב֖וּ מֵימָֽי/ו־׃

12

En die uit u voortkomen, zullen bouwen de oude verwoeste plaatsen; de fondamenten, van geslacht tot geslacht verwoest, zult gij oprichten; en gij zult genaamd worden: Die de bressen toemuurt, die de paden weder opmaakt, om te bewonen.

13

Indien gij uw voet van den sabbat afkeert, van te doen uw lust op Mijn heiligen dag; en indien gij den sabbat noemt een verlustiging, opdat de HEERE geheiligd worde, die te eren is; en indien gij dien eert, dat gij uw wegen niet doet, en uw eigen lust niet vindt, noch een woord daarvan spreekt;

Kanttekening bij de Statenvertaling
leiden,)Gelijk een herder zijne schapen leidt.
in grote droogten,)Hebreeuws, in dorrigheden; dat is, in dure tijden en hongersnood.
vaardig maken;)Of, vet maken, dat is sterken. Zie Pro 15:30 .
Kanttekeningen bij de Statenvertaling (1637)
Kruisverwijzingen
Studievragen
1

Wat leert dit vers over gebed?

2

Hoe zou dit vers klinken in de mond van een kind?

3

Welke hindernissen staan er tussen u en het gehoorzamen van dit vers?

Meditatiegids

Neem de tijd. Laat het Woord tot u spreken. Stil uw hart voor God.

1
Lees

Lees het vers langzaam, drie keer. Eerst in de Statenvertaling, dan in de grondtekst. Laat de woorden tot u doordringen.

2
Observeer

Wat valt u op? Let op sleutelwoorden, herhalingen, contrasten en verbindingen met andere teksten.

3
Begrijp

Wat betekent dit vers in zijn oorspronkelijke context? Wat wilde de auteur overbrengen aan de eerste lezers?

4
Pas toe

Hoe raakt dit vers aan uw leven vandaag? Welke waarheid, belofte, opdracht of waarschuwing spreekt u aan?

5
Bid

Maak van het vers een gebed. Spreek God aan met de woorden die Hij u gegeven heeft.

Uw notities

Schrijf hier uw gedachten, gebeden en inzichten op. Uw notities worden lokaal opgeslagen in uw browser.

Vers van de dagJesaja 58