Ga naar inhoud
BRIEVEN

1 Petrus 2

Πέτρου Αʹ
Hoofdstukken (16)← → toetsen
12345678910111213141516
Getuigen
Interlineair
Tekstgrootte
Diff
1

αποθεμενοι ουν πασαν κακιαν και παντα δολον και υποκρισεις και φθονους και πασας καταλαλιας

STATEN

Zo legt dan af alle kwaadheid, en alle bedrog, en geveinsdheid, en nijdigheid, en alle achterklappingen;

2

ως αρτιγεννητα βρεφη το λογικον αδολον γαλα επιποθησατε ινα εν αυτω αυξηθητε

STATEN

En, als nieuwgeborene kinderkens, zijt zeer begerig naar de redelijke onvervalste melk, opdat gij door dezelve moogt opwassen;

3

ειπερ εγευσασθε οτι χρηστος ο κυριος

STATEN

Indien gij anders gesmaakt hebt, dat de Heere goedertieren is.

4

προς ον προσερχομενοι λιθον ζωντα υπο ανθρωπων μεν αποδεδοκιμασμενον παρα δε θεω εκλεκτον εντιμον

STATEN

Tot Welken komende, als tot een levenden Steen, van de mensen wel verworpen, maar bij God uitverkoren en dierbaar;

5

και αυτοι ως λιθοι ζωντες οικοδομεισθε οικος πνευματικος ιερατευμα αγιον ανενεγκαι πνευματικας θυσιας ευπροσδεκτους τω θεω δια ιησου χριστου

STATEN

Zo wordt gij ook zelven, als levende stenen, gebouwd tot een geestelijk huis, tot een heilig priesterdom, om geestelijke offeranden op te offeren, die Gode aangenaam zijn door Jezus Christus.

6

διο και περιεχει εν τη γραφη ιδου τιθημι εν σιων λιθον ακρογωνιαιον εκλεκτον εντιμον και ο πιστευων επ αυτω ου μη καταισχυνθη

STATEN

Daarom is ook vervat in de Schrift: Ziet, Ik leg in Sion een uitersten Hoeksteen, Die uitverkoren en dierbaar is; en: Die in Hem gelooft, zal niet beschaamd worden.

7

υμιν ουν η τιμη τοις πιστευουσιν απειθουσιν δε λιθον ον απεδοκιμασαν οι οικοδομουντες ουτος εγενηθη εις κεφαλην γωνιας

STATEN

U dan, die gelooft, is Hij dierbaar; maar den ongehoorzamen wordt gezegd: De Steen, Dien de bouwlieden verworpen hebben, Deze is geworden tot een hoofd des hoeks, en een steen des aanstoots, en een rots der ergernis;

8

και λιθος προσκομματος και πετρα σκανδαλου οι προσκοπτουσιν τω λογω απειθουντες εις ο και ετεθησαν

STATEN

Dengenen namelijk, die zich aan het Woord stoten, ongehoorzaam zijnde, waartoe zij ook gezet zijn.

9

υμεις δε γενος εκλεκτον βασιλειον ιερατευμα εθνος αγιον λαος εις περιποιησιν οπως τας αρετας εξαγγειλητε του εκ σκοτους υμας καλεσαντος εις το θαυμαστον αυτου φως

STATEN

Maar gij zijt een uitverkoren geslacht, een koninklijk priesterdom, een heilig volk, een verkregen volk; opdat gij zoudt verkondigen de deugden Desgenen, Die u uit de duisternis geroepen heeft tot Zijn wonderbaar licht;

10

οι ποτε ου λαος νυν δε λαος θεου οι ουκ ηλεημενοι νυν δε ελεηθεντες

STATEN

Gij, die eertijds geen volk waart, maar nu Gods volk zijt; die eertijds niet ontfermd waart, maar nu ontfermd zijt geworden.

11

αγαπητοι παρακαλω ως παροικους και παρεπιδημους απεχεσθαι των σαρκικων επιθυμιων αιτινες στρατευονται κατα της qυχης

STATEN

Geliefden, ik vermaan u als inwoners en vreemdelingen, dat gij u onthoudt van de vleselijke begeerlijkheden, welke krijg voeren tegen de ziel;

12

την αναστροφην υμων εν τοις εθνεσιν εχοντες καλην ινα εν ω καταλαλουσιν υμων ως κακοποιων εκ των καλων εργων εποπτευσαντες δοξασωσιν τον θεον εν ημερα επισκοπης

STATEN

En houdt uw wandel eerlijk onder de heidenen; opdat in hetgeen zij kwalijk van u spreken, als van kwaaddoeners, zij uit de goede werken, die zij in u zien, God verheerlijken mogen in den dag der bezoeking.

Op De Naamdragers

Blogs over 1 Petrus 2

Nog geen artikelen die specifiek naar 1 Petrus 2 verwijzen. Zoek toch op de hoofdsite →