, . to woo and win espouse , ; pass., of the woman, : c. dat. pers., , .† to promise in marriage betroth to be betrothed Mt 1:18 Lk 1:27 2:5
μνηστεύω
mnēsteúō
20× in de grondtekst
Strong G3423
betroth
to give a souvenir (engagement present), i.e. betroth
Glosses per perspectief
Bijbels1 gloss
Traditioneel-Christelijk2 glosses
to give a souvenir (engagement present), i.e. betroth
espouse
Verwante woorden
Woorden met dezelfde consonantale wortel. Vink aan om hun vindplaatsen mee te tellen.
Vindplaatsen per boek
20× totaalStudie
……
Notities laden…