Ga naar inhoud
KETUVIM

Prediker 3

קֹהֶלֶת
Hoofdstukken (12)← → toetsen
123456789101112
Getuigen
Interlineair
Tekstgrootte
Diff
1
לַ/כֹּ֖ל זְמָ֑ן וְ/עֵ֥ת לְ/כָל חֵ֖פֶץ תַּ֥חַת הַ/שָּׁמָֽיִם־׃ס
STATEN

Alles heeft een bestemden tijd, en alle voornemen onder den hemel heeft zijn tijd.

2
עֵ֥ת לָ/לֶ֖דֶת וְ/עֵ֣ת לָ/מ֑וּת עֵ֣ת לָ/טַ֔עַת וְ/עֵ֖ת לַ/עֲק֥וֹר נָטֽוּעַ׃
STATEN

Er is een tijd om geboren te worden, en een tijd om te sterven; een tijd om te planten, en een tijd om het geplante uit te roeien;

3
עֵ֤ת לַ/הֲרוֹג֙ וְ/עֵ֣ת לִ/רְפּ֔וֹא עֵ֥ת לִ/פְר֖וֹץ וְ/עֵ֥ת לִ/בְנֽוֹת׃
STATEN

Een tijd om om te doden, en een tijd om te genezen; een tijd om af te breken, en een tijd om te bouwen;

4
עֵ֤ת לִ/בְכּוֹת֙ וְ/עֵ֣ת לִ/שְׂח֔וֹק עֵ֥ת סְפ֖וֹד וְ/עֵ֥ת רְקֽוֹד׃
STATEN

Een tijd om te wenen, en een tijd om te lachen; een tijd om te kermen, en een tijd om te springen;

5
עֵ֚ת לְ/הַשְׁלִ֣יךְ אֲבָנִ֔ים וְ/עֵ֖ת כְּנ֣וֹס אֲבָנִ֑ים עֵ֣ת לַ/חֲב֔וֹק וְ/עֵ֖ת לִ/רְחֹ֥ק מֵ/חַבֵּֽק׃
STATEN

Een tijd om stenen weg te werpen, en een tijd om stenen te vergaderen; een tijd om te omhelzen, en een tijd om verre te zijn van omhelzen;

6
עֵ֤ת לְ/בַקֵּשׁ֙ וְ/עֵ֣ת לְ/אַבֵּ֔ד עֵ֥ת לִ/שְׁמ֖וֹר וְ/עֵ֥ת לְ/הַשְׁלִֽיךְ׃
STATEN

Een tijd om te zoeken, en een tijd om verloren te laten gaan; een tijd om te bewaren, en een tijd om weg te werpen;

7
עֵ֤ת לִ/קְר֨וֹעַ֙ וְ/עֵ֣ת לִ/תְפּ֔וֹר עֵ֥ת לַ/חֲשׁ֖וֹת וְ/עֵ֥ת לְ/דַבֵּֽר׃
STATEN

Een tijd om te scheuren, en een tijd om toe te naaien; een tijd om te zwijgen, en een tijd om te spreken;

8
עֵ֤ת לֶֽ/אֱהֹב֙ וְ/עֵ֣ת לִ/שְׂנֹ֔א עֵ֥ת מִלְחָמָ֖ה וְ/עֵ֥ת שָׁלֽוֹם׃ס
STATEN

Een tijd om lief te hebben, en een tijd om te haten; een tijd van oorlog, en een tijd van vrede.

9
מַה יִּתְרוֹן֙ הָֽ/עוֹשֶׂ֔ה בַּ/אֲשֶׁ֖ר ה֥וּא עָמֵֽל־׃
STATEN

Wat voordeel heeft hij, die werkt, van hetgeen hij bearbeidt?

10
רָאִ֣יתִי אֶת הָֽ/עִנְיָ֗ן אֲשֶׁ֨ר נָתַ֧ן אֱלֹהִ֛ים לִ/בְנֵ֥י הָ/אָדָ֖ם לַ/עֲנ֥וֹת בּֽ/וֹ־׃
STATEN

Ik heb gezien de bezigheid, die God den kinderen der mensen gegeven heeft, om zichzelven daarmede te bekommeren.

11
אֶת הַ/כֹּ֥ל עָשָׂ֖ה יָפֶ֣ה בְ/עִתּ֑/וֹ גַּ֤ם אֶת הָ/עֹלָם֙ נָתַ֣ן בְּ/לִבָּ֔/ם מִ/בְּלִ֞י אֲשֶׁ֧ר לֹא יִמְצָ֣א הָ/אָדָ֗ם אֶת הַֽ/מַּעֲשֶׂ֛ה אֲשֶׁר עָשָׂ֥ה הָ/אֱלֹהִ֖ים מֵ/רֹ֥אשׁ וְ/עַד סֽוֹף־־־־־־׃
STATEN

Hij heeft ieder ding schoon gemaakt op zijn tijd; ook heeft Hij de eeuw in hun hart gelegd, zonder dat een mens het werk, dat God gemaakt heeft, kan uitvinden, van het begin tot het einde toe.

12
יָדַ֕עְתִּי כִּ֛י אֵ֥ין ט֖וֹב בָּ֑/ם כִּ֣י אִם לִ/שְׂמ֔וֹחַ וְ/לַ/עֲשׂ֥וֹת ט֖וֹב בְּ/חַיָּֽי/ו־׃
STATEN

Ik heb gemerkt, dat er niets beters voor henlieden is, dan zich te verblijden, en goed te doen in zijn leven.

Op De Naamdragers

Blogs over Prediker 3

Artikelen waarin De Naamdragers schrijvers naar deze passage verwijzen.