Mem (mayim — water) opent het beeld: wateren boven en onder (Gen 1:6-7), de zondvloed, de doop. Veertig is het getal van beproeving: veertig dagen regen, veertig jaar woestijn (Num 14:34), veertig dagen Jezus in woestijn (Mat 4:2). Mem draagt de rivier van verandering.
Mem heeft twee vormen: open (מ) in het woord, gesloten (ם) aan het eind. De rabbijnen zien hierin de revealed en hidden Tora. Mosjeh, Mirjam, Mashiach — allen openen met mem. Maim chayim — levend water — is mem-zwaar.
Jezus belooft: wie drinkt van het water dat Ik zal geven, zal in eeuwigheid geen dorst krijgen (Joh 4:14). De doop met water (Mat 3) is de nieuw-testamentische mem. BDB: mem als letter m, met nun en lamed tot de "fluïde" groep behorend.
Paleo-mem 𐤌 heeft letterlijk de vorm van golven. Benner: water, chaos, mighty, blood. Dit is een van de minst betwiste pictografische lezingen — het beeld valt samen met de naam.
Water — zichtbaar en verborgen. De open mem is de zichtbare genade die tot u vloeit; de gesloten mem-sofit is wat God in het verborgene doet. Mijn genade is u genoeg (2 Kor 12:9). U hoeft niet alles te doorgronden om te drinken.