Ga naar inhoud
KETUVIM

Psalmen 145

תְּהִלִּים
Hoofdstukken (151)← → toetsen
123456789101112131415161718192021222324252627282930313233343536373839404142434445464748495051525354555657585960616263646566676869707172737475767778798081828384858687888990919293949596979899100101102103104105106107108109110111112113114115116117118119120121122123124125126127128129130131132133134135136137138139140141142143144145146147148149150151
Getuigen
Interlineair
Tekstgrootte
Diff
1
תְּהִלָּ֗ה לְ/דָ֫וִ֥ד אֲרוֹמִמְ/ךָ֣ אֱלוֹהַ֣/י הַ/מֶּ֑לֶךְ וַ/אֲבָרֲכָ֥ה שִׁ֝מְ/ךָ֗ לְ/עוֹלָ֥ם וָ/עֶֽד׃
STATEN

Een lofzang van David. Aleph. O mijn God, Gij Koning! ik zal U verhogen, en Uw Naam loven in eeuwigheid en altoos.

2
בְּ/כָל י֥וֹם אֲבָרֲכֶ֑/ךָּ וַ/אֲהַלְלָ֥ה שִׁ֝מְ/ךָ֗ לְ/עוֹלָ֥ם וָ/עֶֽד־׃
STATEN

Beth. Te allen dage zal ik U loven, en Uw Naam prijzen in eeuwigheid en altoos.

3
גָּ֘ד֤וֹל יְהוָ֣ה וּ/מְהֻלָּ֣ל מְאֹ֑ד וְ֝/לִ/גְדֻלָּת֗/וֹ אֵ֣ין חֵֽקֶר׃
STATEN

Gimel. De HEERE is groot en zeer te prijzen, en Zijn grootheid is ondoorgrondelijk.

4
דּ֣וֹר לְ֭/דוֹר יְשַׁבַּ֣ח מַעֲשֶׂ֑י/ךָ וּ/גְב֖וּרֹתֶ֣י/ךָ יַגִּֽידוּ׃
STATEN

Daleth. Geslacht aan geslacht zal Uw werken roemen; en zij zullen Uw mogendheden verkondigen.

5
הֲ֭דַר כְּב֣וֹד הוֹדֶ֑/ךָ וְ/דִבְרֵ֖י נִפְלְאוֹתֶ֣י/ךָ אָשִֽׂיחָה׃
STATEN

He. Ik zal uitspreken de heerlijkheid der eer Uwer majesteit, en Uw wonderlijke daden.

6
וֶ/עֱז֣וּז נוֹרְאֹתֶ֣י/ךָ יֹאמֵ֑רוּ ו/גדולתי/ך אֲסַפְּרֶֽ/נָּה וּ/גְדוּלָּתְ/ךָ֥׃
STATEN

Vau. En zij zullen vermelden de kracht Uwer vreselijke daden; en Uw grootheid, die zal ik vertellen.

7
זֵ֣כֶר רַב טוּבְ/ךָ֣ יַבִּ֑יעוּ וְ/צִדְקָתְ/ךָ֥ יְרַנֵּֽנוּ־׃
STATEN

Zain. Zij zullen de gedachtenis der grootheid Uwer goedheid overvloediglijk uitstorten, en zij zullen Uw gerechtigheid met gejuich verkondigen.

8
חַנּ֣וּן וְ/רַח֣וּם יְהוָ֑ה אֶ֥רֶךְ אַ֝פַּ֗יִם וּ/גְדָל חָֽסֶד־׃
STATEN

Cheth. Genadig en barmhartig is de HEERE, lankmoedig en groot van goedertierenheid.

9
טוֹב יְהוָ֥ה לַ/כֹּ֑ל וְ֝/רַחֲמָ֗י/ו עַל כָּל מַעֲשָֽׂי/ו־־־׃
STATEN

Teth. De HEERE is aan allen goed, en Zijn barmhartigheden zijn over al Zijn werken.

10
יוֹד֣וּ/ךָ יְ֭הוָה כָּל מַעֲשֶׂ֑י/ךָ וַ֝/חֲסִידֶ֗י/ךָ יְבָרֲכֽוּ/כָה־׃
STATEN

Jod. Al Uw werken, HEERE, zullen U loven, en Uw gunstgenoten zullen U zegenen.

11
כְּב֣וֹד מַלְכוּתְ/ךָ֣ יֹאמֵ֑רוּ וּ/גְבוּרָתְ/ךָ֥ יְדַבֵּֽרוּ׃
STATEN

Caph. Zij zullen de heerlijkheid Uws Koninkrijks vermelden, en Uw mogendheid zullen zij uitspreken.

12
לְ/הוֹדִ֤יעַ לִ/בְנֵ֣י הָ֭/אָדָם גְּבוּרֹתָ֑י/ו וּ֝/כְב֗וֹד הֲדַ֣ר מַלְכוּתֽ/וֹ׀׃
STATEN

Lamed. Om den mensenkinderen bekend te maken Zijn mogendheden, en de eer der heerlijkheid Zijns Koninkrijks.

Op De Naamdragers

Blogs over Psalmen 145

Nog geen artikelen die specifiek naar Psalmen 145 verwijzen. Zoek toch op de hoofdsite →