Ga naar inhoud
NEVIIM

Jozua 21

יְהוֹשֻׁעַ
Hoofdstukken (24)← → toetsen
123456789101112131415161718192021222324
Getuigen
Interlineair
Tekstgrootte
Diff
1
וַֽ/יִּגְּשׁ֗וּ רָאשֵׁי֙ אֲב֣וֹת הַ/לְוִיִּ֔ם אֶל אֶלְעָזָר֙ הַ/כֹּהֵ֔ן וְ/אֶל יְהוֹשֻׁ֖עַ בִּן נ֑וּן וְ/אֶל רָאשֵׁ֛י אֲב֥וֹת הַ/מַּטּ֖וֹת לִ/בְנֵ֥י יִשְׂרָאֵֽל־־־־׃
STATEN

Toen naderden de hoofden der vaderen van de Levieten tot Eleázar, den priester, en tot Jozua, den zoon van Nun, en tot de hoofden der vaderen van de stammen der kinderen Israëls;

2
וַ/יְדַבְּר֨וּ אֲלֵי/הֶ֜ם בְּ/שִׁלֹ֗ה בְּ/אֶ֤רֶץ כְּנַ֨עַן֙ לֵ/אמֹ֔ר יְהוָה֙ צִוָּ֣ה בְ/יַד מֹשֶׁ֔ה לָֽ/תֶת לָ֥/נוּ עָרִ֖ים לָ/שָׁ֑בֶת וּ/מִגְרְשֵׁי/הֶ֖ן לִ/בְהֶמְתֵּֽ/נוּ־־׃
STATEN

En zij spraken tot hen, te Silo, in het land Kanaän, zeggende: De HEERE heeft geboden door den dienst van Mozes, dat men ons steden te bewonen geven zou, en haar voorsteden voor onze beesten.

3
וַ/יִּתְּנ֨וּ בְנֵי יִשְׂרָאֵ֧ל לַ/לְוִיִּ֛ם מִ/נַּחֲלָתָ֖/ם אֶל פִּ֣י יְהוָ֑ה אֶת הֶ/עָרִ֥ים הָ/אֵ֖לֶּה וְ/אֶת מִגְרְשֵׁי/הֶֽן־־־־׃
STATEN

Daarom gaven de kinderen Israëls aan de Levieten van hun erfdeel, naar den mond des HEEREN, deze steden en de voorsteden derzelve.

4
וַ/יֵּצֵ֥א הַ/גּוֹרָ֖ל לְ/מִשְׁפְּחֹ֣ת הַ/קְּהָתִ֑י וַ/יְהִ֡י לִ/בְנֵי֩ אַהֲרֹ֨ן הַ/כֹּהֵ֜ן מִן הַ/לְוִיִּ֗ם מִ/מַּטֵּ֣ה יְ֠הוּדָה וּ/מִ/מַּטֵּ֨ה הַ/שִּׁמְעֹנִ֜י וּ/מִ/מַּטֵּ֤ה בִנְיָמִן֙ בַּ/גּוֹרָ֔ל עָרִ֖ים שְׁלֹ֥שׁ עֶשְׂרֵֽה־׃ס
STATEN

Toen ging het lot uit voor de huisgezinnen der Kahathieten; en voor de kinderen van Aäron, den priester, uit de Levieten, waren van den stam van Juda, en van den stam van Simeon, en van den stam van Benjamin, door het lot, dertien steden.

5
וְ/לִ/בְנֵ֨י קְהָ֜ת הַ/נּוֹתָרִ֗ים מִ/מִּשְׁפְּחֹ֣ת מַטֵּֽה אֶ֠פְרַיִם וּֽ/מִ/מַּטֵּה דָ֞ן וּ/מֵ/חֲצִ֨י מַטֵּ֧ה מְנַשֶּׁ֛ה בַּ/גּוֹרָ֖ל עָרִ֥ים עָֽשֶׂר־־׃ס
STATEN

En aan de overgebleven kinderen van Kahath vielen, bij het lot, van de huisgezinnen van den stam van Efraïm, en van den stam van Dan, en van den halven stam van Manasse, tien steden.

6
וְ/לִ/בְנֵ֣י גֵרְשׁ֗וֹן מִ/מִּשְׁפְּח֣וֹת מַטֵּֽה יִשָּׂשכָ֣ר וּ/מִ/מַּטֵּֽה אָ֠שֵׁר וּ/מִ/מַּטֵּ֨ה נַפְתָּלִ֜י וּ֠/מֵ/חֲצִי מַטֵּ֨ה מְנַשֶּׁ֤ה בַ/בָּשָׁן֙ בַּ/גּוֹרָ֔ל עָרִ֖ים שְׁלֹ֥שׁ עֶשְׂרֵֽה־־׃ס
STATEN

En aan de kinderen van Gerson, van de huisgezinnen van den stam van Issaschar, en van den stam van Aser, en van den stam van Nafthali, en van den halven stam van Manasse, in Bazan, bij het lot, dertien steden.

7
לִ/בְנֵ֨י מְרָרִ֜י לְ/מִשְׁפְּחֹתָ֗/ם מִ/מַּטֵּ֨ה רְאוּבֵ֤ן וּ/מִ/מַּטֵּה גָד֙ וּ/מִ/מַּטֵּ֣ה זְבוּלֻ֔ן עָרִ֖ים שְׁתֵּ֥ים עֶשְׂרֵֽה־׃
STATEN

Aan de kinderen van Merári, naar hun huisgezinnen, van den stam van Ruben, en van den stam van Gad, en van den stam van Zebulon, twaalf steden.

8
וַ/יִּתְּנ֤וּ בְנֵֽי יִשְׂרָאֵל֙ לַ/לְוִיִּ֔ם אֶת הֶ/עָרִ֥ים הָ/אֵ֖לֶּה וְ/אֶת מִגְרְשֵׁי/הֶ֑ן כַּ/אֲשֶׁ֨ר צִוָּ֧ה יְהוָ֛ה בְּ/יַד מֹשֶׁ֖ה בַּ/גּוֹרָֽל־־־־׃פ
STATEN

Alzo gaven de kinderen Israëls aan de Levieten deze steden en haar voorsteden, bij het lot, gelijk de HEERE geboden had door den dienst van Mozes.

9
וַֽ/יִּתְּנ֗וּ מִ/מַּטֵּה֙ בְּנֵ֣י יְהוּדָ֔ה וּ/מִ/מַּטֵּ֖ה בְּנֵ֣י שִׁמְע֑וֹן אֵ֚ת הֶֽ/עָרִ֣ים הָ/אֵ֔לֶּה אֲשֶׁר יִקְרָ֥א אֶתְ/הֶ֖ן בְּ/שֵֽׁם־׃
STATEN

Verder gaven zij van den stam der kinderen van Juda, en van den stam der kinderen van Simeon, deze steden, die men bij name noemde;

10
וַֽ/יְהִי֙ לִ/בְנֵ֣י אַהֲרֹ֔ן מִ/מִּשְׁפְּח֥וֹת הַ/קְּהָתִ֖י מִ/בְּנֵ֣י לֵוִ֑י כִּ֥י לָ/הֶ֛ם הָיָ֥ה הַ/גּוֹרָ֖ל רִיאשֹׁנָֽה׃
STATEN

Dat zij waren van de kinderen van Aäron, van de huisgezinnen der Kahathieten, uit de kinderen van Levi; want het eerste lot was het hunne.

11
וַ/יִּתְּנ֨וּ לָ/הֶ֜ם אֶת קִרְיַת֩ אַרְבַּ֨ע אֲבִ֧י הָֽ/עֲנ֛וֹק הִ֥יא חֶבְר֖וֹן בְּ/הַ֣ר יְהוּדָ֑ה וְ/אֶת מִגְרָשֶׁ֖/הָ סְבִיבֹתֶֽי/הָ־־׃
STATEN

Zo gaven zij hun de stad van Arba, den vader van Anok (zij is Hebron), op den berg van Juda, en haar voorsteden rondom haar.

12
וְ/אֶת שְׂדֵ֥ה הָ/עִ֖יר וְ/אֶת חֲצֵרֶ֑י/הָ נָֽתְנ֛וּ לְ/כָלֵ֥ב בֶּן יְפֻנֶּ֖ה בַּ/אֲחֻזָּתֽ/וֹ־־־׃ס
STATEN

Maar het veld der stad en haar dorpen, gaven zij aan Kaleb, den zoon van Jefunne, tot zijn bezitting.

Op De Naamdragers

Blogs over Jozua 21

Nog geen artikelen die specifiek naar Jozua 21 verwijzen. Zoek toch op de hoofdsite →