to clothe
Strong H3847
put on
put on
Glosses per perspectief
Bijbels3 glosses
put on; wear; clothe; be clothed; put on; wear; put on; be clothed with; put on; clothed with; and the spirit of; clothed itself with Gideon; arrayed; clothe; array with
aan, bekleed, aantrekken, aandoen, trok
Traditioneel-Christelijk2 glosses
properly, wrap around, i.e. (by implication) to put on agarment or clothe (oneself, or another), literally or figuratively
(in) apparel, arm, array (self), clothe (self), come upon, put (on, upon), wear.
Verwante woorden
Woorden met dezelfde consonantale wortel. Vink aan om hun vindplaatsen mee te tellen.
Vindplaatsen per boek
855× totaalGenesis40Exodus46Leviticus79Numeri15Deuteronomium14Richteren71 Samuël292 Samuël221 Koningen151 Kronieken72 Kronieken48Ezra8Esther45Job57Psalmen72Spreuken13Hooglied8Jesaja83Jeremia19Ezechiël129Daniël21Jona7Zefanja8Haggaï19Zacharia28Marcus1Lukas2Romeinen11 Korinthe2Efeze1Kolossenzen2Hebreeën1Jakobus2Openbaring4
Verdeling over Bijbelboeken
שֹׁרֶשׁ — Verwante woorden
Verwante woorden laden...
מִשְׁפַּחַת מִלִּים — Woordfamilie
Woordfamilie laden...
Theologische concepten
robe, robedOverig
Studie
……
Notities laden…