Ga naar inhoud
KETUVIM

1 Kronieken 22

דִּבְרֵי הַיָּמִים א
Hoofdstukken (29)← → toetsen
1234567891011121314151617181920212223242526272829
Getuigen
Interlineair
Tekstgrootte
Diff
1
וַ/יֹּ֣אמֶר דָּוִ֔יד זֶ֣ה ה֔וּא בֵּ֖ית יְהוָ֣ה הָ/אֱלֹהִ֑ים וְ/זֶה מִּזְבֵּ֥חַ לְ/עֹלָ֖ה לְ/יִשְׂרָאֵֽל־׃ס
STATEN

En David zeide: Hier zal het huis Gods des HEEREN zijn, en hier zal het altaar des brandoffers voor Israël zijn.

2
וַ/יֹּ֣אמֶר דָּוִ֔יד לִ/כְנוֹס֙ אֶת הַ/גֵּרִ֔ים אֲשֶׁ֖ר בְּ/אֶ֣רֶץ יִשְׂרָאֵ֑ל וַ/יַּעֲמֵ֣ד חֹֽצְבִ֗ים לַ/חְצוֹב֙ אַבְנֵ֣י גָזִ֔ית לִ/בְנ֖וֹת בֵּ֥ית הָ/אֱלֹהִֽים־׃
STATEN

En David zeide, dat men vergaderen zou de vreemdelingen, die in het land Israëls waren; en hij bestelde steenhouwers, om uit te houwen stenen, welke men behouwen zou, om het huis Gods te bouwen.

3
וּ/בַרְזֶ֣ל לָ֠/רֹב לַֽ/מִּסְמְרִ֞ים לְ/דַלְת֧וֹת הַ/שְּׁעָרִ֛ים וְ/לַֽ/מְחַבְּר֖וֹת הֵכִ֣ין דָּוִ֑יד וּ/נְחֹ֥שֶׁת לָ/רֹ֖ב אֵ֥ין מִשְׁקָֽל׀׃
STATEN

En David bereidde ijzer in menigte, tot nagelen aan de deuren der poorten, en tot de samenvoegingen; ook koper in menigte, zonder gewicht;

4
וַ/עֲצֵ֥י אֲרָזִ֖ים לְ/אֵ֣ין מִסְפָּ֑ר כִּֽי הֵ֠בִיאוּ הַ/צִּֽידֹנִ֨ים וְ/הַ/צֹּרִ֜ים עֲצֵ֧י אֲרָזִ֛ים לָ/רֹ֖ב לְ/דָוִֽיד׃פ
STATEN

En cederenhout zonder getal; want de Sidoniërs en de Tyriërs brachten tot David cederenhout in menigte.

5
וַ/יֹּ֣אמֶר דָּוִ֗יד שְׁלֹמֹ֣ה בְנִ/י֮ נַ֣עַר וָ/רָךְ֒ וְ/הַ/בַּ֜יִת לִ/בְנ֣וֹת לַ/יהוָ֗ה לְ/הַגְדִּ֨יל לְ/מַ֜עְלָ/ה לְ/שֵׁ֤ם וּ/לְ/תִפְאֶ֨רֶת֙ לְ/כָל הָ֣/אֲרָצ֔וֹת אָכִ֥ינָה נָּ֖א ל֑/וֹ וַ/יָּ֧כֶן דָּוִ֛יד לָ/רֹ֖ב לִ/פְנֵ֥י מוֹתֽ/וֹ׀־׃
STATEN

Want David zeide: Mijn zoon Sálomo is een jongeling en teder; en het huis, dat men den HEERE bouwen zal, zal men ten hoogste groot maken, tot een Naam en tot heerlijkheid in alle landen; ik zal hem nu voorraad bereiden. Alzo bereidde David voorraad in menigte vóór zijn dood.

6
וַ/יִּקְרָ֖א לִ/שְׁלֹמֹ֣ה בְנ֑/וֹ וַ/יְצַוֵּ֨/הוּ֙ לִ/בְנ֣וֹת בַּ֔יִת לַ/יהוָ֖ה אֱלֹהֵ֥י יִשְׂרָאֵֽל׃ס
STATEN

Toen riep hij zijn zoon Sálomo, en gebood hem den HEERE, den God Israëls, een huis te bouwen.

7
וַ/יֹּ֥אמֶר דָּוִ֖יד לִ/שְׁלֹמֹ֑ה בנ/ו אֲנִי֙ הָיָ֣ה עִם לְבָבִ֔/י לִ/בְנ֣וֹת בַּ֔יִת לְ/שֵׁ֖ם יְהוָ֥ה אֱלֹהָֽ/י בְּנִ֕/י־׃
STATEN

En David zeide tot Sálomo: Mijn zoon, wat mij aangaat, het was in mijn hart den Naam des HEEREN, mijns Gods, een huis te bouwen;

8
וַ/יְהִ֨י עָלַ֤/י דְּבַר יְהוָה֙ לֵ/אמֹ֔ר דָּ֤ם לָ/רֹב֙ שָׁפַ֔כְתָּ וּ/מִלְחָמ֥וֹת גְּדֹל֖וֹת עָשִׂ֑יתָ לֹֽא תִבְנֶ֥ה בַ֨יִת֙ לִ/שְׁמִ֔/י כִּ֚י דָּמִ֣ים רַבִּ֔ים שָׁפַ֥כְתָּ אַ֖רְצָ/ה לְ/פָנָֽ/י־־׃
STATEN

Doch het woord des HEEREN geschiedde tot mij, zeggende: Gij hebt bloed in menigte vergoten, want gij hebt grote krijgen gevoerd; gij zult Mijn Naam geen huis bouwen, dewijl gij veel bloeds op de aarde voor Mijn aangezicht vergoten hebt.

9
הִנֵּה בֵ֞ן נוֹלָ֣ד לָ֗/ךְ ה֤וּא יִהְיֶה֙ אִ֣ישׁ מְנוּחָ֔ה וַ/הֲנִח֥וֹתִי ל֛/וֹ מִ/כָּל אוֹיְבָ֖י/ו מִ/סָּבִ֑יב כִּ֤י שְׁלֹמֹה֙ יִהְיֶ֣ה שְׁמ֔/וֹ וְ/שָׁל֥וֹם וָ/שֶׁ֛קֶט אֶתֵּ֥ן עַל יִשְׂרָאֵ֖ל בְּ/יָמָֽי/ו־־־׃
STATEN

Zie, de zoon, die u geboren zal worden, die zal een man der rust zijn, want Ik zal hem rust geven van al zijn vijanden rondom henen; want zijn naam zal Sálomo zijn, en Ik zal vrede en stilte over Israël geven in zijn dagen.

10
הֽוּא יִבְנֶ֥ה בַ֨יִת֙ לִ/שְׁמִ֔/י וְ/הוּא֙ יִהְיֶה לִּ֣/י לְ/בֵ֔ן וַ/אֲנִי ל֖/וֹ לְ/אָ֑ב וַ/הֲכִ֨ינוֹתִ֜י כִּסֵּ֧א מַלְכוּת֛/וֹ עַל יִשְׂרָאֵ֖ל עַד עוֹלָֽם־־־־־׃
STATEN

Die zal Mijn Naam een huis bouwen, en die zal Mij tot een zoon zijn, en Ik hem tot een Vader; en Ik zal den troon zijns rijks over Israël bevestigen tot in eeuwigheid.

11
עַתָּ֣ה בְנִ֔/י יְהִ֥י יְהוָ֖ה עִמָּ֑/ךְ וְ/הִצְלַחְתָּ֗ וּ/בָנִ֨יתָ֙ בֵּ֚ית יְהוָ֣ה אֱלֹהֶ֔י/ךָ כַּ/אֲשֶׁ֖ר דִּבֶּ֥ר עָלֶֽי/ךָ׃
STATEN

Nu, mijn zoon, de HEERE zal met u zijn, en gij zult voorspoedig zijn, en zult het huis des HEEREN, uws Gods, bouwen, gelijk als Hij van u gesproken heeft.

12
אַ֣ךְ יִֽתֶּן לְּ/ךָ֤ יְהוָה֙ שֵׂ֣כֶל וּ/בִינָ֔ה וִֽ/יצַוְּ/ךָ֖ עַל יִשְׂרָאֵ֑ל וְ/לִ/שְׁמ֕וֹר אֶת תּוֹרַ֖ת יְהוָ֥ה אֱלֹהֶֽי/ךָ־־־׃
STATEN

Alleenlijk de HEERE geve u kloekheid en verstand, en geve u bevel over Israël, en dat om te onderhouden de wet des HEEREN, uws Gods.

Op De Naamdragers

Blogs over 1 Kronieken 22

Nog geen artikelen die specifiek naar 1 Kronieken 22 verwijzen. Zoek toch op de hoofdsite →