KETUVIM
Spreuken 20
מִשְׁלֵי
Hoofdstukken (36)← → toetsen
Getuigen
לֵ֣ץ הַ֭/יַּין הֹמֶ֣ה שֵׁכָ֑ר וְ/כָל שֹׁ֥גֶה בּ֝֗/וֹ לֹ֣א יֶחְכָּֽם־׃
STATEN
De wijn is een spotter, de sterke drank is woelachtig; al wie daarin dwaalt, zal niet wijs zijn.
נַ֣הַם כַּ֭/כְּפִיר אֵ֣ימַת מֶ֑לֶךְ מִ֝תְעַבְּר֗/וֹ חוֹטֵ֥א נַפְשֽׁ/וֹ׃
STATEN
De schrik des konings is als het brullen eens jongen leeuws; die zich tegen hem vergramt, zondigt tegen zijn ziel.
כָּב֣וֹד לָ֭/אִישׁ שֶׁ֣בֶת מֵ/רִ֑יב וְ/כָל אֱ֝וִ֗יל יִתְגַּלָּֽע־׃
STATEN
Het is eer voor een man, van twist af te blijven; maar ieder dwaas zal er zich in mengen.
מֵ֭/חֹרֶף עָצֵ֣ל לֹא יַחֲרֹ֑שׁ ישאל בַּ/קָּצִ֣יר וָ/אָֽיִן־׃ וְ/שָׁאַ֖ל
STATEN
Om den winter zal de luiaard niet ploegen; daarom zal hij bedelen in den oogst, maar er zal niet zijn.
מַ֣יִם עֲ֭מֻקִּים עֵצָ֣ה בְ/לֶב אִ֑ישׁ וְ/אִ֖ישׁ תְּבוּנָ֣ה יִדְלֶֽ/נָּה־׃
STATEN
De raad in het hart eens mans is als diepe wateren; maar een man van verstand zal dien uithalen.
רָב אָדָ֗ם יִ֭קְרָא אִ֣ישׁ חַסְדּ֑/וֹ וְ/אִ֥ישׁ אֱ֝מוּנִ֗ים מִ֣י יִמְצָֽא־׃
STATEN
Elk van de menigte der mensen roept zijn weldadigheid uit; maar wie zal een recht trouwen man vinden?
מִתְהַלֵּ֣ךְ בְּ/תֻמּ֣/וֹ צַדִּ֑יק אַשְׁרֵ֖י בָנָ֣י/ו אַחֲרָֽי/ו׃
STATEN
De rechtvaardige wandelt steeds in zijn oprechtheid; welgelukzalig zijn zijn kinderen na hem.
מֶ֗לֶךְ יוֹשֵׁ֥ב עַל כִּסֵּא דִ֑ין מְזָרֶ֖ה בְ/עֵינָ֣י/ו כָּל רָֽע־־־׃
STATEN
Een koning, zittende op den troon des gerichts, verstrooit alle kwaad met zijn ogen.
מִֽי יֹ֭אמַר זִכִּ֣יתִי לִבִּ֑/י טָ֝הַ֗רְתִּי מֵ/חַטָּאתִֽ/י־׃
STATEN
Wie kan zeggen: Ik heb mijn hart gezuiverd, ik ben rein van mijn zonde?
אֶ֣בֶן וָ֭/אֶבֶן אֵיפָ֣ה וְ/אֵיפָ֑ה תּוֹעֲבַ֥ת יְ֝הוָ֗ה גַּם שְׁנֵי/הֶֽם־׃
STATEN
Tweeërlei weegsteen, tweeërlei efa is den HEERE een gruwel, ja die beide.
גַּ֣ם בְּ֭/מַעֲלָלָי/ו יִתְנַכֶּר נָ֑עַר אִם זַ֖ךְ וְ/אִם יָשָׁ֣ר פָּעֳלֽ/וֹ־־־׃
STATEN
Een jongen zal ook door zijn handelingen zich bekend maken, of zijn werk zuiver, en of het recht zal wezen.
אֹ֣זֶן שֹׁ֭מַעַת וְ/עַ֣יִן רֹאָ֑ה יְ֝הוָ֗ה עָשָׂ֥ה גַם שְׁנֵי/הֶֽם־׃
STATEN
Een horend oor, en een ziend oog heeft de HEERE gemaakt, ja, die beide.