Ga naar inhoud
KETUVIM

Spreuken 10

מִשְׁלֵי
Hoofdstukken (36)← → toetsen
123456789101112131415161718192021222324252627282930313233343536
Getuigen
Interlineair
Tekstgrootte
Diff
1
מִשְׁלֵ֗י שְׁלֹ֫מֹ֥ה בֵּ֣ן חָ֭כָם יְשַׂמַּח אָ֑ב וּ/בֵ֥ן כְּ֝סִ֗יל תּוּגַ֥ת אִמּֽ/וֹפ־׃
STATEN

De spreuken van Sálomo. Een wijs zoon verblijdt den vader; maar een zot zoon is zijner moeder droefheid.

2
לֹא י֭וֹעִילוּ אוֹצְר֣וֹת רֶ֑שַׁע וּ֝/צְדָקָ֗ה תַּצִּ֥יל מִ/מָּֽוֶת־׃
STATEN

Schatten der goddeloosheid doen geen nut; maar de gerechtigheid redt van den dood.

3
לֹֽא יַרְעִ֣יב יְ֭הוָה נֶ֣פֶשׁ צַדִּ֑יק וְ/הַוַּ֖ת רְשָׁעִ֣ים יֶהְדֹּֽף־׃
STATEN

De HEERE laat de ziel des rechtvaardigen niet hongeren; maar de have der goddelozen stoot Hij weg.

4
רָ֗אשׁ עֹשֶׂ֥ה כַף רְמִיָּ֑ה וְ/יַ֖ד חָרוּצִ֣ים תַּעֲשִֽׁיר־׃
STATEN

Die met een bedriegelijke hand werkt, wordt arm; maar de hand der vlijtigen maakt rijk.

5
אֹגֵ֣ר בַּ֭/קַּיִץ בֵּ֣ן מַשְׂכִּ֑יל נִרְדָּ֥ם בַּ֝/קָּצִ֗יר בֵּ֣ן מֵבִֽישׁ׃
STATEN

Die in den zomer vergadert, is een verstandig zoon; maar die in den oogst vast slaapt, is een zoon die beschaamd maakt.

6
בְּ֭רָכוֹת לְ/רֹ֣אשׁ צַדִּ֑יק וּ/פִ֥י רְ֝שָׁעִ֗ים יְכַסֶּ֥ה חָמָֽס׃
STATEN

Zegeningen zijn op het hoofd des rechtvaardigen; maar het geweld bedekt den mond der goddelozen.

7
זֵ֣כֶר צַ֭דִּיק לִ/בְרָכָ֑ה וְ/שֵׁ֖ם רְשָׁעִ֣ים יִרְקָֽב׃
STATEN

De gedachtenis des rechtvaardigen zal tot zegening zijn; maar de naam der goddelozen zal verrotten.

8
חֲכַם לֵ֭ב יִקַּ֣ח מִצְוֺ֑ת וֶ/אֱוִ֥יל שְׂ֝פָתַ֗יִם יִלָּבֵֽט־׃
STATEN

Die wijs van hart is, neemt de geboden aan; maar die dwaas is van lippen, zal omgeworpen worden.

9
הוֹלֵ֣ךְ בַּ֭/תֹּם יֵ֣לֶךְ בֶּ֑טַח וּ/מְעַקֵּ֥שׁ דְּ֝רָכָ֗י/ו יִוָּדֵֽעַ׃
STATEN

Die in oprechtheid wandelt, wandelt zeker; maar die zijn wegen verkeert, zal bekend worden.

10
קֹ֣רֵֽץ עַ֭יִן יִתֵּ֣ן עַצָּ֑בֶת וֶ/אֱוִ֥יל שְׂ֝פָתַ֗יִם יִלָּבֵֽט׃
STATEN

Die met het oog wenkt, richt smart aan; en een dwaas van lippen zal omgeworpen worden.

11
מְק֣וֹר חַ֭יִּים פִּ֣י צַדִּ֑יק וּ/פִ֥י רְ֝שָׁעִ֗ים יְכַסֶּ֥ה חָמָֽס׃
STATEN

De mond des rechtvaardigen is een springader des levens; maar het geweld bedekt den mond der goddelozen.

12
שִׂ֭נְאָה תְּעוֹרֵ֣ר מְדָנִ֑ים וְ/עַ֥ל כָּל פְּ֝שָׁעִ֗ים תְּכַסֶּ֥ה אַהֲבָֽה־׃
STATEN

Haat verwekt krakelen; maar de liefde dekt alle overtredingen toe.

Op De Naamdragers

Blogs over Spreuken 10

Nog geen artikelen die specifiek naar Spreuken 10 verwijzen. Zoek toch op de hoofdsite →