Ga naar inhoud
TORAH

Exodus 36

שְׁמוֹת
Hoofdstukken (40)← → toetsen
12345678910111213141516171819202122232425262728293031323334353637383940
Getuigen
Interlineair
Tekstgrootte
Diff
1
וְ/עָשָׂה֩ בְצַלְאֵ֨ל וְ/אָהֳלִיאָ֜ב וְ/כֹ֣ל אִ֣ישׁ חֲכַם לֵ֗ב אֲשֶׁר֩ נָתַ֨ן יְהוָ֜ה חָכְמָ֤ה וּ/תְבוּנָה֙ בָּ/הֵ֔מָּה לָ/דַ֣עַת לַ/עֲשֹׂ֔ת אֶֽת כָּל מְלֶ֖אכֶת עֲבֹדַ֣ת הַ/קֹּ֑דֶשׁ לְ/כֹ֥ל אֲשֶׁר צִוָּ֖ה יְהוָֽה׀־־־־׃
STATEN

Toen wrocht Bezáleël en Ahóliab, en alle man, die wijs van hart was, in denwelken de HEERE wijsheid en verstand gegeven had, om te weten, hoe zij maken zouden alle werk ten dienste des heiligdoms naar alles, dat de HEERE geboden had.

2
וַ/יִּקְרָ֣א מֹשֶׁ֗ה אֶל בְּצַלְאֵ֘ל וְ/אֶל אָֽהֳלִיאָב֒ וְ/אֶל֙ כָּל אִ֣ישׁ חֲכַם לֵ֔ב אֲשֶׁ֨ר נָתַ֧ן יְהוָ֛ה חָכְמָ֖ה בְּ/לִבּ֑/וֹ כֹּ֚ל אֲשֶׁ֣ר נְשָׂא֣/וֹ לִבּ֔/וֹ לְ/קָרְבָ֥ה אֶל הַ/מְּלָאכָ֖ה לַ/עֲשֹׂ֥ת אֹתָֽ/הּ־־־־־׃
STATEN

Want Mozes had geroepen Bezáleël en Ahóliab, en alle man, die wijs van hart was, in wiens hart God wijsheid gegeven had, al wiens hart hem bewogen had, dat hij toetrad tot het werk, om dat te maken.

3
וַ/יִּקְח֞וּ מִ/לִּ/פְנֵ֣י מֹשֶׁ֗ה אֵ֤ת כָּל הַ/תְּרוּמָה֙ אֲשֶׁ֨ר הֵבִ֜יאוּ בְּנֵ֣י יִשְׂרָאֵ֗ל לִ/מְלֶ֛אכֶת עֲבֹדַ֥ת הַ/קֹּ֖דֶשׁ לַ/עֲשֹׂ֣ת אֹתָ֑/הּ וְ֠/הֵם הֵבִ֨יאוּ אֵלָ֥י/ו ע֛וֹד נְדָבָ֖ה בַּ/בֹּ֥קֶר בַּ/בֹּֽקֶר־׃
STATEN

Zij dan namen van voor het aangezicht van Mozes het ganse hefoffer, hetwelk de kinderen Israëls gebracht hadden, tot het werk van den dienst des heiligdoms, om dat te maken; doch zij brachten tot hem nog allen morgen vrijwillig offer.

4
וַ/יָּבֹ֨אוּ֙ כָּל הַ֣/חֲכָמִ֔ים הָ/עֹשִׂ֕ים אֵ֖ת כָּל מְלֶ֣אכֶת הַ/קֹּ֑דֶשׁ אִֽישׁ אִ֥ישׁ מִ/מְּלַאכְתּ֖/וֹ אֲשֶׁר הֵ֥מָּה עֹשִֽׂים־־־־׃
STATEN

Derhalve kwamen alle wijzen, die al het werk des heiligdoms maakten, ieder man van zijn werk, hetwelk zij maakten;

5
וַ/יֹּאמְרוּ֙ אֶל מֹשֶׁ֣ה לֵּ/אמֹ֔ר מַרְבִּ֥ים הָ/עָ֖ם לְ/הָבִ֑יא מִ/דֵּ֤י הָֽ/עֲבֹדָה֙ לַ/מְּלָאכָ֔ה אֲשֶׁר צִוָּ֥ה יְהוָ֖ה לַ/עֲשֹׂ֥ת אֹתָֽ/הּ־־׃
STATEN

En zij spraken tot Mozes, zeggende: Het volk brengt te veel, meer dan genoeg is ten dienste des werks, hetwelk de HEERE te maken geboden heeft.

6
וַ/יְצַ֣ו מֹשֶׁ֗ה וַ/יַּעֲבִ֨ירוּ ק֥וֹל בַּֽ/מַּחֲנֶה֮ לֵ/אמֹר֒ אִ֣ישׁ וְ/אִשָּׁ֗ה אַל יַעֲשׂוּ ע֛וֹד מְלָאכָ֖ה לִ/תְרוּמַ֣ת הַ/קֹּ֑דֶשׁ וַ/יִּכָּלֵ֥א הָ/עָ֖ם מֵ/הָבִֽיא־־׃
STATEN

Toen gebood Mozes, dat men een stem zoude laten gaan door het leger, zeggende: Man noch vrouw make geen werk meer ten hefoffer des heiligdoms! Alzo werd het volk teruggehouden van meer te brengen.

7
וְ/הַ/מְּלָאכָ֗ה הָיְתָ֥ה דַיָּ֛/ם לְ/כָל הַ/מְּלָאכָ֖ה לַ/עֲשׂ֣וֹת אֹתָ֑/הּ וְ/הוֹתֵֽר־׃ס
STATEN

Want der stoffe was denzelven genoeg tot het gehele werk, dat te maken was; ja, er was over.

8
וַ/יַּעֲשׂ֨וּ כָל חֲכַם לֵ֜ב בְּ/עֹשֵׂ֧י הַ/מְּלָאכָ֛ה אֶת הַ/מִּשְׁכָּ֖ן עֶ֣שֶׂר יְרִיעֹ֑ת שֵׁ֣שׁ מָשְׁזָ֗ר וּ/תְכֵ֤לֶת וְ/אַרְגָּמָן֙ וְ/תוֹלַ֣עַת שָׁנִ֔י כְּרֻבִ֛ים מַעֲשֵׂ֥ה חֹשֵׁ֖ב עָשָׂ֥ה אֹתָֽ/ם־־־׃
STATEN

Alzo maakte een ieder wijze van hart, onder degenen, die het werk maakten, den tabernakel van tien gordijnen, van getweernd fijn linnen, en hemelsblauw, en purper, en scharlaken met cherubim; van het allerkunstelijkste werk maakte hij ze.

9
אֹ֜רֶךְ הַ/יְרִיעָ֣ה הָֽ/אַחַ֗ת שְׁמֹנֶ֤ה וְ/עֶשְׂרִים֙ בָּֽ/אַמָּ֔ה וְ/רֹ֨חַב֙ אַרְבַּ֣ע בָּֽ/אַמָּ֔ה הַ/יְרִיעָ֖ה הָ/אֶחָ֑ת מִדָּ֥ה אַחַ֖ת לְ/כָל הַ/יְרִיעֹֽת־׃
STATEN

De lengte ener gordijn was van acht en twintig ellen, en de breedte ener gordijn van vier ellen; al deze gordijnen hadden een maat.

10
וַ/יְחַבֵּר֙ אֶת חֲמֵ֣שׁ הַ/יְרִיעֹ֔ת אַחַ֖ת אֶל אֶחָ֑ת וְ/חָמֵ֤שׁ יְרִיעֹת֙ חִבַּ֔ר אַחַ֖ת אֶל אֶחָֽת־־־׃
STATEN

En hij voegde vijf gordijnen, de ene aan de andere; en hij voegde andere vijf gordijnen, de ene aan de andere.

11
וַ/יַּ֜עַשׂ לֻֽלְאֹ֣ת תְּכֵ֗לֶת עַ֣ל שְׂפַ֤ת הַ/יְרִיעָה֙ הָֽ/אֶחָ֔ת מִ/קָּצָ֖ה בַּ/מַּחְבָּ֑רֶת כֵּ֤ן עָשָׂה֙ בִּ/שְׂפַ֣ת הַ/יְרִיעָ֔ה הַ/קִּ֣יצוֹנָ֔ה בַּ/מַּחְבֶּ֖רֶת הַ/שֵּׁנִֽית׃
STATEN

Daarna maakte hij striklisjes van hemelsblauw aan den kant ener gordijn, aan het uiterste in de samenvoeging; hij deed het ook aan den uitersten kant der tweede samenvoegende gordijn.

12
חֲמִשִּׁ֣ים לֻלָאֹ֗ת עָשָׂה֮ בַּ/יְרִיעָ֣ה הָ/אֶחָת֒ וַ/חֲמִשִּׁ֣ים לֻלָאֹ֗ת עָשָׂה֙ בִּ/קְצֵ֣ה הַ/יְרִיעָ֔ה אֲשֶׁ֖ר בַּ/מַּחְבֶּ֣רֶת הַ/שֵּׁנִ֑ית מַקְבִּילֹת֙ הַ/לֻּ֣לָאֹ֔ת אַחַ֖ת אֶל אֶחָֽת־׃
STATEN

Vijftig striklisjes maakte hij aan de ene gordijn, en vijftig striklisjes maakte hij aan het uiterste der gordijn; dat aan de tweede samenvoegende was; deze striklisjes vatten de ene aan de andere.

Op De Naamdragers

Blogs over Exodus 36

Nog geen artikelen die specifiek naar Exodus 36 verwijzen. Zoek toch op de hoofdsite →