Ga naar inhoud
NEVIIM

Jesaja 13

יְשַׁעְיָה
Hoofdstukken (66)← → toetsen
123456789101112131415161718192021222324252627282930313233343536373839404142434445464748495051525354555657585960616263646566
Getuigen
Interlineair
Tekstgrootte
Diff
1
מַשָּׂ֖א בָּבֶ֑ל אֲשֶׁ֣ר חָזָ֔ה יְשַׁעְיָ֖הוּ בֶּן אָמֽוֹץ־׃
STATEN

De last van Babel, dien Jesaja, de zoon van Amoz, gezien heeft.

2
עַ֤ל הַר נִשְׁפֶּה֙ שְֽׂאוּ נֵ֔ס הָרִ֥ימוּ ק֖וֹל לָ/הֶ֑ם הָנִ֣יפוּ יָ֔ד וְ/יָבֹ֖אוּ פִּתְחֵ֥י נְדִיבִֽים־־׃
STATEN

Heft op een banier, op een hogen berg; verheft een stem tot hen; beweegt de hand omhoog, dat zij intrekken door de deuren der prinsen.

3
אֲנִ֥י צִוֵּ֖יתִי לִ/מְקֻדָּשָׁ֑/י גַּ֣ם קָרָ֤אתִי גִבּוֹרַ/י֙ לְ/אַפִּ֔/י עַלִּיזֵ֖י גַּאֲוָתִֽ/י׃
STATEN

Ik heb aan Mijn geheiligden bevel gegeven; ook heb Ik tot Mijn toorn geroepen Mijn helden, de vrolijken Mijner hoogheid.

4
ק֥וֹל הָמ֛וֹן בֶּֽ/הָרִ֖ים דְּמ֣וּת עַם רָ֑ב ק֠וֹל שְׁא֞וֹן מַמְלְכ֤וֹת גּוֹיִם֙ נֶֽאֱסָפִ֔ים יְהוָ֣ה צְבָא֔וֹת מְפַקֵּ֖ד צְבָ֥א מִלְחָמָֽה־׃
STATEN

Er is een ruisende stem op de bergen, gelijk eens groten volks; een stem van gedruis der koninkrijken, der verzamelde heidenen; de HEERE der heirscharen monstert het krijgsheir.

5
בָּאִ֛ים מֵ/אֶ֥רֶץ מֶרְחָ֖ק מִ/קְצֵ֣ה הַ/שָּׁמָ֑יִם יְהוָה֙ וּ/כְלֵ֣י זַעְמ֔/וֹ לְ/חַבֵּ֖ל כָּל הָ/אָֽרֶץ־׃
STATEN

Zij komen uit verren lande, van het einde des hemels; de HEERE en de instrumenten Zijner gramschap, om dat ganse land te verderven.

6
הֵילִ֕ילוּ כִּ֥י קָר֖וֹב י֣וֹם יְהוָ֑ה כְּ/שֹׁ֖ד מִ/שַּׁדַּ֥י יָבֽוֹא׃
STATEN

Huilt gijlieden, want de dag des HEEREN is nabij; hij komt als een verwoesting van den Almachtige.

7
עַל כֵּ֖ן כָּל יָדַ֣יִם תִּרְפֶּ֑ינָה וְ/כָל לְבַ֥ב אֱנ֖וֹשׁ יִמָּס־־־׃
STATEN

Daarom zullen alle handen slap worden, en aller mensen hart zal versmelten;

8
וְֽ/נִבְהָ֓לוּ צִירִ֤ים וַֽ/חֲבָלִים֙ יֹֽאחֵז֔וּ/ן כַּ/יּוֹלֵדָ֖ה יְחִיל֑וּ/ן אִ֤ישׁ אֶל רֵעֵ֨/הוּ֙ יִתְמָ֔הוּ פְּנֵ֥י לְהָבִ֖ים פְּנֵי/הֶֽם׀־׃
STATEN

En zij zullen verschrikt worden, smarten en weeën zullen hen aangrijpen, zij zullen bang zijn als een barende vrouw; een iegelijk zal over zijn naaste verbaasd zijn; hun aangezichten zullen vlammende aangezichten zijn.

9
הִנֵּ֤ה יוֹם יְהוָה֙ בָּ֔א אַכְזָרִ֥י וְ/עֶבְרָ֖ה וַ/חֲר֣וֹן אָ֑ף לָ/שׂ֤וּם הָ/אָ֨רֶץ֙ לְ/שַׁמָּ֔ה וְ/חַטָּאֶ֖י/הָ יַשְׁמִ֥יד מִמֶּֽ/נָּה־׃
STATEN

Ziet, de dag des HEEREN komt, gruwelijk, met verbolgenheid en hittigen toorn, om het land te stellen tot verwoesting, en deszelfs zondaars daaruit te verdelgen;

10
כִּֽי כוֹכְבֵ֤י הַ/שָּׁמַ֨יִם֙ וּ/כְסִ֣ילֵי/הֶ֔ם לֹ֥א יָהֵ֖לּוּ אוֹרָ֑/ם חָשַׁ֤ךְ הַ/שֶּׁ֨מֶשׁ֙ בְּ/צֵאת֔/וֹ וְ/יָרֵ֖חַ לֹֽא יַגִּ֥יהַ אוֹרֽ/וֹ־־׃
STATEN

Want de sterren des hemels en zijn gesternten zullen haar licht niet laten lichten; de zon zal verduisterd worden, wanneer zij zal opgaan, en de maan zal haar licht niet laten schijnen.

11
וּ/פָקַדְתִּ֤י עַל תֵּבֵל֙ רָעָ֔ה וְ/עַל רְשָׁעִ֖ים עֲוֺנָ֑/ם וְ/הִשְׁבַּתִּי֙ גְּא֣וֹן זֵדִ֔ים וְ/גַאֲוַ֥ת עָרִיצִ֖ים אַשְׁפִּֽיל־־׃
STATEN

Want Ik zal over de wereld de boosheid bezoeken, en over de goddelozen hun ongerechtigheid; en Ik zal den hoogmoed der stouten doen ophouden, en de hovaardij der tirannen zal Ik vernederen.

12
אוֹקִ֥יר אֱנ֖וֹשׁ מִ/פָּ֑ז וְ/אָדָ֖ם מִ/כֶּ֥תֶם אוֹפִֽיר׃
STATEN

Ik zal maken, dat een man dierbaarder zal zijn dan dicht goud, en een mens dan fijn goud van Ofir.

Op De Naamdragers

Blogs over Jesaja 13

Nog geen artikelen die specifiek naar Jesaja 13 verwijzen. Zoek toch op de hoofdsite →