Ga naar inhoud
NEVIIM

Jesaja 15

יְשַׁעְיָה
Hoofdstukken (66)← → toetsen
123456789101112131415161718192021222324252627282930313233343536373839404142434445464748495051525354555657585960616263646566
Getuigen
Interlineair
Tekstgrootte
Diff
1
מַשָּׂ֖א מוֹאָ֑ב כִּ֠י בְּ/לֵ֞יל שֻׁדַּ֨ד עָ֤ר מוֹאָב֙ נִדְמָ֔ה כִּ֗י בְּ/לֵ֛יל שֻׁדַּ֥ד קִיר מוֹאָ֖ב נִדְמָֽה־׃
STATEN

De last van Moab. Zekerlijk, in den nacht is Ar-Moabs verwoest, zij is uitgeroeid; zekerlijk, in den nacht is Kir-Moabs verwoest, zij is uitgeroeid!

2
עָלָ֨ה הַ/בַּ֧יִת וְ/דִיבֹ֛ן הַ/בָּמ֖וֹת לְ/בֶ֑כִי עַל נְב֞וֹ וְ/עַ֤ל מֵֽידְבָא֙ מוֹאָ֣ב יְיֵלִ֔יל בְּ/כָל רֹאשָׁ֣י/ו קָרְחָ֔ה כָּל זָקָ֖ן גְּרוּעָֽה־־־׃
STATEN

Hij gaat op naar Baïth en Dibon, en naar Bamoth, om te wenen; over Nebo en over Médeba zal Moab huilen; op al haar hoofden is kaalheid, aller baard is afgesneden.

3
בְּ/חוּצֹתָ֖י/ו חָ֣גְרוּ שָׂ֑ק עַ֣ל גַּגּוֹתֶ֧י/הָ וּ/בִ/רְחֹבֹתֶ֛י/הָ כֻּלֹּ֥/ה יְיֵלִ֖יל יֹרֵ֥ד בַּ/בֶּֽכִי׃
STATEN

Op haar wijken hebben zij zakken aangegord; op haar daken en op haar straten huilen zij altemaal, afgaande met geween.

4
וַ/תִּזְעַ֤ק חֶשְׁבּוֹן֙ וְ/אֶלְעָלֵ֔ה עַד יַ֖הַץ נִשְׁמַ֣ע קוֹלָ֑/ם עַל כֵּ֗ן חֲלֻצֵ֤י מוֹאָב֙ יָרִ֔יעוּ נַפְשׁ֖/וֹ יָ֥רְעָה לּֽ/וֹ־־׃
STATEN

Zo Hesbon als Eleále schreeuwt, hun stem wordt gehoord tot Jahaz toe; daarom maken de toegerusten van Moab een geschrei, eens iegelijks ziel in hem is kwalijk gesteld.

5
לִבִּ/י֙ לְ/מוֹאָ֣ב יִזְעָ֔ק בְּרִיחֶ֕/הָ עַד צֹ֖עַר עֶגְלַ֣ת שְׁלִשִׁיָּ֑ה כִּ֣י מַעֲלֵ֣ה הַ/לּוּחִ֗ית בִּ/בְכִי֙ יַֽעֲלֶה בּ֔/וֹ כִּ֚י דֶּ֣רֶךְ חוֹרֹנַ֔יִם זַעֲקַת שֶׁ֖בֶר יְעֹעֵֽרוּ־׀־־׃
STATEN

Mijn hart schreeuwt over Moab, haar grendelen zijn naar Zoar toe, de driejarige vaars; want hij gaat op met geween naar den opgang van Luhith, want op den weg naar Horonáïm verwekken zij een jammergeschrei.

6
כִּֽי מֵ֥י נִמְרִ֖ים מְשַׁמּ֣וֹת יִֽהְי֑וּ כִּֽי יָבֵ֤שׁ חָצִיר֙ כָּ֣לָה דֶ֔שֶׁא יֶ֖רֶק לֹ֥א הָיָֽה־־׃
STATEN

Want de wateren van Nimrim zullen enkel verwoesting wezen; want het gras is verdord, het tedere gras is vergaan, er is geen groente.

7
עַל כֵּ֖ן יִתְרָ֣ה עָשָׂ֑ה וּ/פְקֻדָּתָ֔/ם עַ֛ל נַ֥חַל הָ/עֲרָבִ֖ים יִשָּׂאֽוּ/ם־׃
STATEN

Daarom zullen zij den overvloed, dien zij vergaderd hebben, en hetgeen zij weggelegd hebben, aan de beek der wilgen voeren.

8
כִּֽי הִקִּ֥יפָה הַ/זְּעָקָ֖ה אֶת גְּב֣וּל מוֹאָ֑ב עַד אֶגְלַ֨יִם֙ יִלְלָתָ֔/הּ וּ/בְאֵ֥ר אֵילִ֖ים יִלְלָתָֽ/הּ־־־׃
STATEN

Want dat geschreeuw zal omgaan door de landpale van Moab, haar gehuil tot Eglaïm toe, ja, tot Beër-Elim toe zal haar gehuil zijn.

9
כִּ֣י מֵ֤י דִימוֹן֙ מָ֣לְאוּ דָ֔ם כִּֽי אָשִׁ֥ית עַל דִּימ֖וֹן נוֹסָפ֑וֹת לִ/פְלֵיטַ֤ת מוֹאָב֙ אַרְיֵ֔ה וְ/לִ/שְׁאֵרִ֖ית אֲדָמָֽה־־׃
STATEN

Want de wateren van Dimon zijn vol bloeds, want Ik zal Dimon nog meer toeschikken: te weten leeuwen over de ontkomenen van Moab, mitsgaders over het overblijfsel des lands.

Op De Naamdragers

Blogs over Jesaja 15

Nog geen artikelen die specifiek naar Jesaja 15 verwijzen. Zoek toch op de hoofdsite →